Dag van de Scheiding | Publicaties

Zoek een advocaat


Korting op uitkering

Gemaakt op Fri Mar 13 13:22:57 2009
Zelfstandigen, vrije beroepsbeoefenaren, directeuren-groot aandeelhouders, alsmede meewerkende echtgenoten waren tot 1 augustus 2004 verzekerd voor de financiƫle gevolgen van arbeidsongeschiktheid conform de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ). Nadien zijn zelfstandige ondernemers aangewezen op het afsluiten van een particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering. Personen die voordien in aanmerking kwamen voor een WAZ-uitkering blijven deze behouden indien de medische of arbeidskundige situatie niet wijzigt.

Zelfstandigen, vrije beroepsbeoefenaren, directeuren-groot aandeelhouders, alsmede meewerkende echtgenoten waren tot 1 augustus 2004 verzekerd voor de financiële gevolgen van arbeidsongeschiktheid conform de Wet Arbeidsongeschiktheidsverzekering Zelfstandigen (WAZ). Nadien zijn zelfstandige ondernemers aangewezen op het afsluiten van een particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering. Personen die voordien in aanmerking kwamen voor een WAZ-uitkering blijven deze behouden indien de medische of arbeidskundige situatie niet wijzigt.

Inkomsten uit arbeid die genoten worden ten tijde van de arbeidsongeschiktheidsuitkering worden gekort. Zo worden niet alleen uitkeringen krachtens de Ziektewet, WW en Wet Arbeid en Zorg gekort, maar tevens inkomsten uit arbeid. Voor zelfstandigen die nog gedeeltelijk in het eigen bedrijf doorwerken, wordt de fiscale nettowinst als uitgangspunt genomen, behoudens bijzondere omstandigheden. Eén van de uitzonderingen tot korting is gelegen in het feit dat in het geheel geen tegenwoordige arbeid wordt verricht, waarbij desondanks winst uit onderneming wordt gerealiseerd. Vermogensbeheer wordt derhalve niet gezien als het verrichten van arbeid, althans niet als arbeid die gericht is op het verwerven van een inkomen als bedoeld in de WAZ.

Fiscale oudedagsreserve

Recentelijk heeft de Centrale Raad van Beroep een uitspraak gedaan omtrent de vraag of de vrijval van de fiscale oudedagsreserve (FOR) aangemerkt dient te worden als inkomsten uit arbeid.

De Centrale Raad overweegt dat met betrekking tot zelfstandigen volgens vaste jurisprudentie als uitgangspunt geldt dat de fiscaal verantwoorde en vastgestelde nettowinst als inkomen uit arbeid wordt beschouwd, tenzij bijzondere omstandigheden afwijking van dit uitgangspunt rechtvaardigen. Het feit dat tegenover de vrijval van de FOR geen arbeid staat, levert geen bijzondere omstandigheid op. Indien er in het jaar van vrijval van de FOR sprake is van het verrichten van enige arbeid, dan wordt de behaalde nettowinst in zijn geheel als inkomen in aanmerking genomen.

De Centrale Raad maakt derhalve bij winst uit onderneming geen verschil tussen de inkomsten uit arbeid en de vrijgevallen inkomsten uit vroegere jaren.





Abonneren op nieuwsbrief